Tractor met sneeuwruimapparatuur op een winters veld

iGrip SS · Praktische gids voor de landbouw

iGrip SS-schroefspikes
voor de landbouw.
Kies de juiste maat.

Onze iGrip SS-schroefspikes geven tractorbanden meer grip op ijs en aangereden sneeuw. Vergelijk maten, bereken het benodigde aantal en volg onze montagegids voor landbouwmachines.

SS-steunkraagPunt van wolfraamcarbideVerwijderbaar

Gids van iGrip · Bijgewerkt op · SS-15 tot en met SS-50, zonder R- of HD-aanduiding.

01 / Begin bij de band

Meet de profieldiepte.
Houd 2 mm extra aan.

De minimale profieldiepte is de indringdiepte van de spike plus 2 mm. Meet de resterende profielhoogte op de geplande montageplaatsen. Kies op basis van deze metingen, de nokbreedte en de staat van het rubber, niet op basis van de tractorgrootte.

  1. Reinig en controleer de profielnok.Verwijder vuil en steentjes. Kies onbeschadigd rubber zonder scheuren.
  2. Meet vanaf de bodem van de profielgroef.Meet met een profieldieptemeter of liniaal tot de bovenkant van de profielnok.
  3. Controleer meerdere plaatsen.Meet rondom de band en op verschillende nokken. Gebruik de laagste meetwaarde van de geplande montageplaatsen om het model te kiezen.
  4. Controleer voor- en achterbanden afzonderlijk.Noteer merk, model en maat van de band en de gemeten profielhoogte. Controleer ook de nokbreedte.
mmHMeet de nokhoogteHet karkas ligt onder de groefbodem.Groefbodem
Profieldiepte H is de hoogte van de nok boven de groefbodem. Het is niet de totale rubberdikte tot aan het karkas.

Onze regel voor de modelkeuze

Minimale profieldiepte
= indringdiepte + 2 mm

We tellen 2 mm op bij de lengte die de band in gaat. De SS-30 gaat bijvoorbeeld 28 mm naar binnen en heeft dus minimaal 28 + 2 = 30 mm profiel nodig. De totale lengte is 32 mm, waarvan 4 mm boven het rubber uitsteekt.

02 / Vind uw SS-model

Kies uw iGrip SS-model.
Gebruik de gemeten profieldiepte.

Vergelijk SS-15, SS-18, SS-25, SS-30, SS-40 en SS-50 met de tabel en keuzehulp hieronder. Voer de laagste gemeten profieldiepte in. We stellen modellen voor waarvan de minimale eis is gehaald en niet meer dan 10 mm onder uw meetwaarde ligt. Bij 40 mm profiel zijn dat bijvoorbeeld SS-40 en SS-30.

mm

Meet elke groep banden afzonderlijk. Voer de werkelijke meetwaarde in.

Laat zien hoe ik moet meten ↑
Voer uw profieldiepte in.

We beoordelen alle zes SS-modellen. Bij 40 mm profiel stellen we bijvoorbeeld SS-40 of SS-30 voor.

Maten van iGrip SS-bandenspikes en minimale profieldiepte
ModelTotale lengteIn de bandBoven het rubberMinimale profieldiepte
(indringdiepte + 2 mm)
SS-1516 mm13 mm3 mm15 mm
SS-1820 mm17 mm3 mm19 mm
SS-2527 mm23 mm4 mm25 mm
SS-3032 mm28 mm4 mm30 mm
SS-4042 mm35 mm7 mm37 mm
SS-5052 mm45 mm7 mm47 mm

Modelnummers zijn productnamen, geen exacte totale lengtes. Vergelijk totale lengte, indringdiepte en uitstekende lengte afzonderlijk. Controleer ook de nokbreedte, de staat van het rubber en de werkomstandigheden. Deze maten gelden voor SS-modellen zonder R- of HD-aanduiding.

Een langere spike is niet automatisch geschikter.Heeft een model meer profieldiepte nodig dan beschikbaar is, kies dan een passend korter model of stuur ons uw bandengegevens. Monteer geen te lange spike in een te ondiep profiel.

Waarom raden we SS aan voor tractoren?

Waarom SS-spikes kiezen?
Vanwege de steunkraag.

Onze SS-spikes (spikes met steunkraag) hebben een brede steunkraag. Die verdeelt de belasting over het rubber en helpt voorkomen dat de spike dieper wegzakt.

Spike zonder steunkraag

Kan wegzakkenin het rubberBelasting

Onder belasting kan een spike met onvoldoende ondersteuning dieper wegzakken. De kop is dan moeilijker bereikbaar voor het verwijdergereedschap.

iGrip SS met steunkraag

Bovenzijde kraaggelijk met het rubberBelasting

De steunkraag wordt in het rubber verzonken tot de bovenzijde gelijkligt met het oppervlak. Dit beperkt verder wegzakken. De uitsparingen in de kraagring geven het gereedschap houvast, zodat de spike eenvoudig kan worden verwijderd.

Schematische tekeningen, niet op schaal. De juiste modelkeuze en montagediepte zijn essentieel.

Punt van wolfraamcarbide

De slijtvaste werkpunt helpt grip te geven op ijs en aangereden sneeuw.

Stevige verankering

De grove schroefdraad verankert de spike in geschikt rubber. Gehard, verzinkt staal geeft de spike sterkte en bescherming tegen corrosie.

Bereikbaar voor verwijdering

De uitsparingen in de SS-kraagring bieden het gereedschap houvast, ook als de zeskantkop versleten is.

Bekijk de SS-constructie van dichtbij

Detail van een iGrip SS-spike met carbidepunt, zeskantkop, steunkraag, uitsparingen in de kraagring en grove schroefdraad

Kern van wolfraamcarbide over de volledige hoogte van de zeskantkop

Zeskantprofiel voor extra grip

Brede steunkraag beperkt te diep indringen

Speciale uitsparingen in de kraagring voor eenvoudig verwijderen

Inductiegehard, verzinkt staal

Speciale grove schroefdraad

De opbouw van een iGrip SS-spike.

03 / Bereken het aantal

Bereken hoeveel bandenspikes u nodig hebt.
Plan elke band afzonderlijk.

Spikes per band = aantal nokken dat u van spikes voorziet × spikes per nok. Tel de nokken aan beide kanten van de band. Gebruik voor meer grip meer spikes waar de nokafmetingen dat toelaten. Verdeel bij een kleiner aantal de spikes gelijkmatig rondom de band.

  1. Markeer de eerste nok.Ga de hele band rond en tel elke afzonderlijke nok maar één keer.
  2. Tel beide kanten bij elkaar op.Bij 17 nokken aan de ene kant en 17 aan de andere zijn er in totaal 34 nokken.
  3. Kies het plaatsingspatroon.We tonen voorbeelden met 2–4 spikes per landbouwprofielnok. Pas het aantal aan de nokgrootte, band en werkzaamheden aan.

Eén eenvoudige formule

Nokken × spikes per nok × banden = totaal aantal

Voorbeeld: 34 nokken × 4 spikes = 136 spikes per band. Voor twee gelijke banden is het totaal 272.

Bereken voor- en achterbanden afzonderlijk.De onderstaande waarden zijn een voorbeeld. Vervang ze door de gegevens van uw banden.

Voorbanden

Groep gelijke banden

84spikes / band

Achterbanden

Groep gelijke banden

136spikes / band
Totaal gepland aantal

Voor: 168 · Achter: 272

440 spikes

6834 nokken × 2 spikes
10234 nokken × 3 spikes
13634 nokken × 4 spikes

Dit zijn rekenvoorbeelden voor één band met 34 nokken. Het zijn geen universele categorieën voor ‘lichte’, ‘standaard’ of ‘maximale’ grip. Een aantal van 100–150 spikes per band is een globale richtlijn. Uw eigen berekening bepaalt hoeveel u moet bestellen.

Als het aantal spikes per nok verschilt

Bereken de groepen afzonderlijk en tel ze op. Bijvoorbeeld 17 nokken met 2 spikes en 17 met 4: (17 × 2) + (17 × 4) = 102 spikes per band. Behandel kleine profielblokken van winterbanden niet als grote landbouwnokken: tel de werkelijk geplande montageplaatsen.

Zijn banden op dezelfde as verschillend of gebruikt u dubbellucht, bereken dan elke afwijkende band afzonderlijk en tel de uitkomsten op. Elke groep in de calculator moet hetzelfde aantal nokken en hetzelfde plaatsingspatroon hebben.

04 / Plan de montageplaatsen

Waar plaatst u bandenspikes?
Verdeel het patroon gelijkmatig.

Begin bij de buitenste profielnokken aan beide kanten van de band. Verdeel daarna de overige spikes over het midden van het loopvlak. Houd beide kanten in balans en herhaal het patroon gelijkmatig rondom. Laat posities in aangrenzende nokken verspringen en zorg voor voldoende onbeschadigd rubber rond elke spike.

Niet hierLoopvlak
Schematisch bovenaanzicht van een landbouwprofiel. Oranje punten markeren plaatsen binnen de nokken; kruisen geven ongeschikte plaatsen aan. Dit schema adviseert geen specifiek aantal spikes.

De nokvorm is belangrijker dan de tractorgrootte

Een industrieband op een kleine tractor en een landbouwband op een grote tractor kunnen een heel ander profiel hebben. Stem de plaatsing af op de werkelijke vorm van het rubber.

  • Laat voldoende onbeschadigd rubber rond schroefdraad en kraag.
  • Houd links en rechts in balans.
  • Herhaal het patroon gelijkmatig rondom de hele band.
  • Markeer de plaatsen voordat u spikes inschroeft.

We geven geen vaste afstand in millimeters die voor elke band geldt. Is een nok smal of is de vorm onduidelijk, stuur ons dan een foto met maten.

Landbouwbanden

Twee voorbeelden van iGrip-spikeplaatsing op schuine landbouwnokken
Oranje punten tonen verspringende posities. Pas het aantal spikes aan de nokgrootte aan.

Winter- en industriebanden

iGrip-plaatsing op een winterband links en een industrieband rechts
Links een winterband, rechts een industrieband. Verschillende nokken vragen om verschillende posities.

✓ Geschikte plaatsen

  • De belangrijkste nokken in het loopvlak.
  • Onbeschadigd rubber met voldoende hoogte en breedte.
  • Een evenwichtig, zich herhalend patroon.

× Ongeschikte plaatsen

  • Zijwanden of de bodem van profielgroeven.
  • Gescheurde, beschadigde of te ver versleten nokken.
  • Posities te dicht bij een nokrand, met te weinig rubber eromheen.

05 / Stap voor stap monteren

Zo monteert u iGrip SS-spikes.
Begin met één spike.

Elke verpakking bevat speciaal iGrip-montagegereedschap; vervangend gereedschap is ook los verkrijgbaar. Leg de gekozen spikes, het bijpassende gereedschap, een boor-/schroefmachine, profieldieptemeter en markeerstift klaar. Houd de tekening van uw exacte SS-model bij de hand.

  1. Meten

    Reinig het profiel. Meet de nokhoogte op meerdere plaatsen en noteer de laagste waarde. Controleer voor- en achterbanden afzonderlijk.

  2. Kies uw SS-model

    Controleer of profieldiepte ≥ indringdiepte + 2 mm. De nok moet ook breed genoeg zijn en het rubber onbeschadigd. Gebruik de montage-instructies voor uw exacte model.

  3. Plan de hele band

    Tel de nokken en markeer de posities. Begin met de buitenste nokken aan beide kanten en verdeel de rest over het midden. Laat het patroon verspringen en herhaal het gelijkmatig rondom de hele band.

  4. Bereid gereedschap en montageplaats voor

    Parkeer de tractor veilig, zet de motor uit en beveilig hem tegen wegrollen. Plaats het juiste iGrip-gereedschap voor uw SS-model in de boor-/schroefmachine. Volg voor SS-40 en SS-50 de extra voorbereidingen hieronder.

  5. Schroef loodrecht op de nok in

    Begin met één spike. Houd het gereedschap onder 90° ten opzichte van het nokoppervlak op de montageplaats en schroef beheerst in. Houd de spike recht.

  6. Stop op de juiste diepte

    Laat de steunkraag in het rubber verzinken tot de bovenzijde gelijkligt met het rubberoppervlak. De kraag mag niet uitsteken. Stop op deze positie en controleer de uitstekende lengte van het werkende deel volgens de modelspecificatie.

  7. Controleer en voltooi

    Vergelijk de uitstekende lengte met de modelspecifieke tekening. Controleer rubber, uitlijning en verankering. Is de eerste spike correct gemonteerd, voltooi dan het patroon en controleer de hele band.

Vergelijking van SS-montage: links de kraag gelijk met het rubber, rechts een kraag die boven het rubber uitsteekt
✓ Kraag gelijk met het rubberoppervlak. × Kraag steekt boven het rubber uit.

SS-montagematen en voorbereiding

Minimale profieldiepte = indringdiepte + 2 mm. Totale lengte, indringdiepte en uitstekende lengte staan hieronder afzonderlijk vermeld.

32 mmtotale spikelengte
28 mmindringdiepte in de band
4 mmlengte boven het rubber
≥30 mmprofieldiepte: 28 + 2 mm

Schroef SS-30 rechtstreeks in met het juiste iGrip-gereedschap. Laat de steunkraag in het rubber verzinken tot de bovenzijde gelijkligt met het rubberoppervlak.

Montage- en verwijdertekening voor iGrip SS-30: 28 mm in de band, 4 mm boven het rubberOpen onze SS-30-montagetekening ↗
SS-40 en SS-50: extra voorbereiding.Maak voor SS-40 een gat met een diameter van 6 mm en een diepte van 30 mm. Voor SS-50 schrijft de aparte modeltekening een gat van 6 mm diameter en 40 mm diepte voor, plus een druppel lijm. Stem vóór montage van SS-50 het lijmtype en de uithardingstijd af met ons.

Bekijk het hele proces

Zo monteert u SS-30-bandenspikes

Bekijk de gereedschapspositie en montage in onze video. Deze video behandelt SS-30.

SS-30: 28 mm in de band, 4 mm boven het rubber.Totale spikelengte: 32 mm. Minimale profieldiepte: 28 + 2 = 30 mm.
01 / HoekHoud het gereedschap loodrecht op het nokoppervlak.
02 / KraagDe bovenzijde van de kraag ligt gelijk met het rubberoppervlak.
03 / Uitstekende lengteSS-30: laat 4 mm boven het rubber uitsteken.

Wanneer u op de video klikt, wordt de YouTube-speler geladen. Opent deze niet, bekijk de instructies dan op YouTube ↗.

06 / Verwijderen en onderhoud

Zo verwijdert en hergebruikt u SS-spikes.

De aangrijpuitsparingen zitten in de SS-kraagring. De tanden van het gereedschap passen hierin, zodat de spike ook bij een versleten zeskantkop kan worden verwijderd.

1. Plaats het gereedschap

Reinig de uitsparingen in de kraagring. Plaats het iGrip-gereedschap voor uw SS-model om de kop en laat de tanden volledig in de uitsparingen vallen.

2. Kies linksom

Houd het gereedschap in lijn met de spike. Draai beheerst linksom en voorkom dat het gereedschap wegglijdt.

3. Verwijder en controleer

Controleer schroefdraad, metalen deel en carbidepunt. Hergebruik alleen spikes in geschikte staat, op een geschikte plaats met onbeschadigd rubber.

Regelmatige controle helpt de werking te behouden.Controleer na het eerste gebruik en daarna regelmatig de stand van de spikes, de staat van het rubber en de profielslijtage. Gaat een spike scheef staan of loszitten, of scheurt het rubber, zoek dan de oorzaak voordat u verdergaat. Pas snelheid en manoeuvres aan ondergrond, belasting en helling aan.

De ervaring van een tractoreigenaar

SS-40 achter. SS-30 voor.

‘…ze kleven als lijm aan hard ijs.’

NSMaple1 · Nova Scotia, Canada · 21 maart 2021

De gebruiker beschreef de montage van SS-40 op de achterbanden en SS-30 op de voorbanden. Na enkele maanden gebruik meldde deze goede grip op hard ijs.

Lees het oorspronkelijke ArboristSite-bericht, nr. 22 ↗

Een individuele, openbaar gedeelde ervaring. Resultaten hangen af van banden, montage en werkomstandigheden.

Voordat u begint

Vragen over iGrip SS-bandenspikes

Kan ik iGrip SS-spikes zelf monteren?

Ja. Elke verpakking bevat speciaal iGrip-montagegereedschap. Raakt u het kwijt, dan kunt u vervangend gereedschap los kopen. Gebruik het met een boor-/schroefmachine en volg de instructies van uw model. Beoordeel eerst de band en probeer één montageplaats. SS-40 en SS-50 vragen extra voorbereiding.

Hoe diep moet het profiel zijn?

Onze regel is dat de profieldiepte minstens 2 mm groter moet zijn dan de lengte die de band in gaat. SS-15 vraagt minimaal 15 mm, SS-18 19 mm, SS-25 25 mm, SS-30 30 mm, SS-40 37 mm en SS-50 47 mm. Meet de resterende profielhoogte op de geplande montageplaats.

Bepaalt de grootte van de tractor het spikemodel?

Nee. We kiezen op basis van gemeten profieldiepte, nokbreedte en de staat van het rubber. Dezelfde profieldiepte geeft op een kleine en grote tractor hetzelfde modeladvies.

Waarom adviseren we SS-40 en SS-30 bij 40 mm profiel?

SS-40 heeft minimaal 37 mm profiel nodig en SS-30 minimaal 30 mm. Die eisen liggen 3 en 10 mm onder de gemeten 40 mm, dus beide komen in aanmerking. De minimumvereisten voor SS-25, SS-18 en SS-15 liggen meer dan 10 mm onder de meetwaarde; daarom stellen we die niet voor. SS-50 vraagt minimaal 47 mm, dus daarvoor is te weinig profiel.

Hoeveel spikes heb ik per band nodig?

Tel alle nokken die u van spikes wilt voorzien en vermenigvuldig met het gekozen aantal per nok. Voor 34 nokken met elk 4 spikes zijn bijvoorbeeld 136 spikes per band nodig. Het aantal van 100–150 spikes is een globale richtlijn die niet voor elke band geldt. Gebruik meer spikes voor meer grip. Gebruikt u er minder, verdeel ze dan gelijkmatig rondom voor een gelijkmatige grip. We adviseren eerst de buitenste nokken aan beide kanten te voorzien en daarna de rest gelijkmatig over het midden van het loopvlak te verdelen.

Moet ik alle vier de banden van spikes voorzien?

Grip aan voor- en achterzijde ondersteunt verschillende functies: sturen, aandrijven en remmen. Kies de te voorziene banden op basis van de aandrijving, het gebruik en de werkomstandigheden. Stuur bij twijfel de bandengegevens van beide assen.

Kan ik spikes in gebruikte banden monteren?

Ja, als er voldoende profiel over is en het rubber op de montageplaatsen onbeschadigd is. Nokken met scheuren of ernstige schade zijn ongeschikt. Controleer de werkelijke maten, niet de catalogusgegevens van een nieuwe band.

Kan een spike de band beschadigen?

Een te lange, verkeerd geplaatste of verkeerd gemonteerde spike kan de band beschadigen. De SS-steunkraag beperkt wegzakken, maar een juiste modelkeuze en montage blijven essentieel. Volg de regel van 2 mm extra profiel en de modelspecifieke montagematen.

Moet voor alle SS-modellen worden voorgeboord?

Nee. SS-15, SS-18, SS-25 en SS-30 worden rechtstreeks ingeschroefd. Voor SS-40 is voorboren nodig. De aparte SS-50-tekening schrijft voorboren en een druppel lijm voor. Controleer boormaten, lijmtype en voorbereiding in de instructies van uw model.

Mag de steunkraag boven het rubber uitsteken?

Nee. De kraag moet in het rubber verzonken zijn, met de bovenzijde gelijk aan het oppervlak. Een uitstekende kraag betekent dat de spike niet diep genoeg is ingeschroefd. Alleen het voor dat model aangegeven werkende deel mag boven het rubber uitsteken.

Kunnen SS-spikes worden verwijderd en hergebruikt?

Ja. Gebruik het juiste iGrip-gereedschap met de boor-/schroefmachine op linksom. De uitsparingen in de kraagring geven houvast, ook als de zeskantkop versleten is. Controleer spike en bandenrubber vóór hergebruik. Monteer beschadigde spikes niet opnieuw.

Gelden deze maten ook voor R- en HD-uitvoeringen?

Deze gids behandelt SS-15, SS-18, SS-25, SS-30, SS-40 en SS-50 zonder R- of HD-aanduiding. Gebruik voor andere uitvoeringen de eigen maten, het bijbehorende montagegereedschap en de eigen instructies.

Wij helpen u kiezen

Stuur ons uw bandengegevens. We helpen u een passend model te vinden.

Bandenmerk, model en maat · profieldiepte · aantal nokken · tractormodel · beoogd gebruik · foto's van de band en profielnokken.

iGrip Europe

info@igripstud.eu
+370 525 55650

Uw e-mailprogramma opent met een aanvraag die u kunt aanpassen en versturen. U kunt bandenfoto's toevoegen aan de berekening.

↑